Polleke • Het Nationale Toneel

"Grote mensen moeten maar op zichzelf passen"

Het Nationale Toneel en NTjong maken met Polleke hun eerste familievoorstelling voor de grote zaal. Brutaal, humorvol en ontwapenend toneel naar de bekroonde en verfilmde boekenserie van Guus Kuijer. Met Sallie Harmsen als Polleke en o.a. Jaap Spijkers en Pieter van der Sman in hun eerste voorstelling voor een jong publiek.

Polleke woont in een grote flat in de stad. Haar ouders zijn gescheiden. Ze woont bij haar moeder. Haar vader zwerft rond en leent overal geld. Polleke is zwaar verliefd op de Marokkaanse Mimoen, maar hun vriendschap is ingewikkeld. Hoeveel er ook tegenzit, Polleke geeft nooit op. Gelukkig heeft ze altijd opa en oma nog. En later, later wordt Polleke dichter. Guus Kuijers creatie van de gevoelige en ontwapenende oer-Hollandse Polleke stal de harten van een generatie en wordt nu naar toneel vertaald. Met Sallie Harmsen als Polleke. De boekenserie Polleke won vele prijzen en voor zijn hele oeuvre ontving hij in 2012 de Astrid Lindgren Prijs, de grootste prijs voor kinder- en jeugdliteratuur ter wereld. 
 

regie Noël Fischer bewerking Jorieke Abbing naar de boeken van Guus Kuijer spel Mirjam Stolwijk, Cripta Scheepers, Sallie Harmsen, Jaap Spijkers, Pieter van der Sman, Justus van Dillen, Majd Mardo, Stefanie van Leersum, Juul Vrijdag dramaturgie Martine Manten toneelbeeld Thomas Rupert kostuums Carly Everaert lichtontwerp Uri Rapaport muziek Jolle Roelofs foto's Martijn Beekman

Guus Kuijers ‘Polleke’ is ook op toneel een ontwapenend meisje ★★★★★

„Ik wil niet huilen”, zegt Polleke tegen het eind van de eerste familievoorstelling van NTjong en het Nationale Toneel. Ze zegt het als haar opa dood is. Maar ze had het ook kunnen zeggen toen haar drugsverslaafde vader weer tegen haar loog, of toen haar Marokkaanse vriendje het uitmaakte omdat hij wordt uitgehuwelijkt. Eigenlijk hadden alle personages het de hele tijd kunnen zeggen; de tekst ligt als subtekst zo ongeveer onder de hele voorstelling. 
Er wordt dan ook nauwelijks gehuild in Polleke, ondanks dat het echt niet allemaal zo vrolijk is. In plaats daarvan slaat iedereen zich onverschrokken, of zoekend, of hoopvol door het leven. Polleke (Sallie Harmsen) voorop. 
De volwassenen rondom Polleke weigeren verantwoordelijk te zijn en leunen op Polleke waar dat eigenlijk andersom zou moeten zijn. Maar godzijdank zijn de volwassenen geen clichématige badguys. Ze ploeteren en proberen, zoeken houvast en laten daarbij steekjes vallen. Ze zijn kortom menselijk. En te midden van al dat volwassen gehannes probeert Polleke te worden wie ze is. 
Jorieke Abbing bewerkte de beroemde boekenreeks van Guus Kuijer meesterlijk. Het wemelt van de pijnlijk onafgemaakte dialogen en ontwapenende uitlatingen. En regisseur Noël Fischer weet in haar eerste grotezaalregie precies de juiste toon te vinden voor de levensgrote thema’s die deze voorstelling rijk is. Geloof, liefde, dood, loyaliteit, vriendschap, opgroeien, loslaten en voor jezelf kiezen; het wordt allemaal met rake, relativerende humor gespeeld. En met heel veel ingehouden emotie. Dat werkt.

Brechtje Zwaneveld

NRC Handelsblad

Pollekes levensverhaal kruipt onder je huid ★★★★

De samenwerking tussen het Nationale Toneel en NTjong, voorheen jeugdgezelschap Stella Den Haag, werpt zijn vruchten af. In de familievoorstelling 'Polleke' maken topacteurs hun debuut in het jeugdtheater en ook met het decor pakt het NT groots uit. Maar het mooist is het verhaal, waarin je helemaal wordt ondergedompeld. 
'Polleke', naar de bekroonde boekenserie van Guus Kuijer, is een actuele familievoorstelling over een meisje met gescheiden ouders, een Marokkaans vriendje en een drugsverslaafde vader. Sallie Harmsen speelt een hartveroverende Polleke. Ze trekt je tweeënhalf uur lang mee in haar gevoelsleven, gedachtesprongen en eigenwijze blik op de wereld. Als je na afloop het theater uitloopt, zie je het leven nog steeds door de bril van Polleke. Ook de andere acteurs overtuigen. Majd Mardo is een energieke en aandoenlijke Mimoen (Pollekes vriendje). Moeder Tina (Mirjam Stolwijk) zet een stoere blonde vrouw neer, die tot afgrijzen van Polleke verliefd wordt op de meester van school. 
De relatie met vader Spiek (Justus van Dillen), die in een rafelige bontjas rond de flat scharrelt, maakt dat Pollekes levensverhaal onder je huid kruipt. Het samenspel van Harmsen en Dillen laat zien dat de liefde van kinderen voor hun ouders onvoorwaardelijk is. Of Spiek nu wegloopt, op het politiebureau zit of geld pikt, Polleke verdedigt hem door dik en dun. 
Regisseur Noël Fischer kiest voor energiek acteerwerk en realistische personages met typerende trekjes in hun mimiek en motoriek. Maar soms zijn die gebaren wat overdreven kinderlijk. Polleke staat centraal in haar enscenering en de anderen bewegen als het ware om haar heen. Het is knap hoe de regisseur de innerlijke wereld van het meisje zichtbaar weet te maken op het toneel. 
Dat werkt ook door in de decorwisselingen. De flat waarin moeder en dochter wonen, ingenieus geschilderd op een enorm achterdoek met uitschuifbaar balkon, is druk en lawaaierig. Daar loopt alles en iedereen door elkaar en is het ook druk in het hoofd van Polleke. Maar als zij op bezoek gaat bij haar liefdevolle opa (Jaap Spijkers) en oma (Juul Vrijdag) komt zij tot rust. Dan maakt de entourage van de grote stad geruisloos plaats voor de groene weiden van het platteland. De vogels tjilpen zachtjes en vanuit de toneeltoren komen er zomaar rekken vol koeien naar beneden, met een pasgeboren kalfje. 
De thematiek is zwaar maar de voorstelling licht van toon. Het verhaal blijft optimistisch en komt tegemoet aan de hartewens van de kinderen in de zaal: dat het weer goed komt met vader Spiek. Al is Polleke zelf 'niets van haar geloof', ze is dolgelukkig als hij zichzelf heeft gevonden in Nepal en in een roze jurk en kralenketting het hindoeïsme omarmt.

 

Anita Twaalfhoven

Trouw

Een verrukkelijk mozaïek ★★★★

Met de voorstelling Polleke bewijst het Nationale Toneel niet kinderachtig om te gaan met zijn jeugdafdeling NTjong. Die pakt uit met tweeënhalf uur lang topacteren door een ijzersterke cast en met enorme decors op een groot toneel.
Het verhaal is gebaseerd op de Polleke-serie van Guus Kuijer. Gedurende de hele voorstelling staat Polleke in het centrum van haar universum en maken we kennis met haar verslaafde vader Spiek, haar moeder die het met haar meester van school aanlegt (voor elk kind een gruwel), met haar Marokkaanse vriendje Mimoen met wie ze een knipperlichtaffaire heeft en met haar vriendinnen Caro en Consuelo. En dan zijn er nog opa en oma die op een boerderij leven.
In wisselende samenstellingen en onder steeds veranderende gesternten komen zij in een hoop tempo op en af. De enige die altijd op toneel staat is Polleke zelf. Vriendschappen en ruzies, loyaliteiten en afkeuringen, ze wisselen elkaar snel af.
Het klinkt wat schematisch, maar in de voorstelling wordt het allemaal erg leuk, goed getimed, speels en inventief gedaan. Het sociale mozaïek rondom Polleke is breed en veelkleurig. En verweven in al die interacties spelen maatschappelijke kwesties een net niet te nadrukkelijke rol.
De verrukkelijkheid van de voorstelling komt door de regie van Noël Fischer en de dramaturgie van Martine Manten. Ze komt ook niet in de laatste plaats door de rol van Sallie Harmsen als Polleke: door haar dictie, uitstraling en innemendheid. Haar stroom van gedachten, worstelingen en twijfels laat zich gemakkelijk aflezen aan haar vertelsels, gesprekken, doen en laten en dat wordt ook na tweeënhalf uur nooit vervelend. Het enige moment waarop ze heel even niet te zien is – ze kleedt zich om voor het huwelijk van haar moeder – mis je haar zelfs.
Die moeder, prachtig gespeeld door Mirjam Stolwijk, kiest uiteindelijk voor de betrouwbare Wouter en niet voor de onmogelijke vader van Polleke, Spiek, die verslaafd is aan drugs. De rol van de vader door Justus van Dillen wordt nergens te duivels, slecht of wanhopig. Vader Spiek vraagt telkens om geld en belooft steeds gedichten te schrijven. De loyaliteit van Polleke voor haar vader gaat zover dat zij op het einde de enige is die haar vader nog gelooft.
Wie niet meer in hem geloven zijn haar grootouders. Is het decor doorgaans een stedelijke omgeving van louter flatgebouwen, opa en oma wonen in een boerderij op het weidse, groene platteland. Dat platteland brengt gelukkig af en toe rust na de stedelijke constellaties.
De opeenstapeling van het talloze onderling aantrekken en afstoten wordt aan het einde wat overzichtelijker wanneer Polleke op het grootste mysterie van het leven stuit: haar opa gaat dood. Hoewel, een mysterie lijkt het voor haar niet te zijn. In weerwil van een kleine protestantse opleving van haar opa (een mariabeeld als cadeau van haar oma), haar vader die intussen terug uit Nepal hindoeïstisch lijkt geworden en haar Mexicaanse vriendin Consuelo die er pre-Colombiaanse indianengebruiken op nahoudt, betekent dood voor Polleke ook echt dood. Ze denkt nergens in te geloven, totdat ze inziet van anderen te kunnen houden en dat anderen ook van haar kunnen houden. Zo is er toch nog iets van liefde in haar universum, waarin iedereen als een planeet om Polleke heen draait.

Pieter Rings

Theaterkrant.nl

Polleke: bijna beter dan het origineel ★★★★★

Het is een discussie onder film- en boekenliefhebbers: wat was er beter, het boek of de film? Die vraag  dringt zich op na het zien van de familievoorstelling Polleke van Ntjong, de jeugd- en jongerenafdeling van het Haagse toneelgezelschap Het Nationale Toneel. De oorspronkelijke Polleke-boeken van Guus Kuijer waren al steengoed, maar deze toneeladaptie evenaart dat niveau in veel opzichten.
Dat is op de eerste plaats een verdienste van Jorieke Abbing, die de boeken tot een theatervoorstellingen voor negenplussers bewerkte. Ze bleef dicht bij de bron, een uitstekende keuze want het taalgebruik van Kuijer is om van te gaan jubelen zo fris en grappig, lichtvoetig en filosofisch tegelijk.
Actrice Sallie Harmsen doet de rest, want zij zet een oer-Polleke neer, barstend van levensvreugde, een ontluikende Hollandse pre-puber die zich een weg baant door haar soms best wel ingewikkelde leven.
Dat leven ziet er als volgt uit. Polleke woont in een flat, met haar moeder die verliefd is geworden op meester Wouter. Probleem een. Haar vader, Spiek, is een junk. Probleem twee. En dan is Polleke ook nog eens verliefd op de Marokkaanse Mimoun. Probleem drie. En alsof dat niet genoeg is, gaat ook nog eens haar opa dood. Vier.
Tragiek wordt niet gemeden, maar wordt nergens teveel uitvergroot. Het verhaal dat regisseur Noël Fischer vertelt, is op de eerste plaats Pollekes verhaal, het is háár versie. Dit ‘bijna dertienjarige' meisje heeft een jaloersmakend vermogen om zich aan nieuwe omstandigheden aan te passen. Dat gegeven, die vitaliteit, wordt in deze voorstelling uitbundig gevierd. En dat ontroert.
Bijvoorbeeld als Polleke aan het graf van haar opa aan het dichten slaat en zich voorstelt hoe ze over straks als veertien-, als vijftien- en ooit als negentienjarige aan zijn graf zal staan. De tijd die verstrijkt, de toekomst die nog zo ver weg is – even wordt alle gevoel hieromtrent tastbaar gemaakt. Wat knap en ingehouden neergezet. Leg het boek maar weg, in dit geval is het theater net zo goed.

Kirsten van Santen

Leeuwarder Courant

Please reload

Ontwapenend gegoochel met grappen en gevoelens ★★★★★

Daar staat ze, Polleke. Handen in de zakken, ingehouden proest, samenzweerderige blik - en dan flapt het eruit: "De meester is verliefd op mijn moeder." Meer dan de mollige Liv Stig in de gelijknamige film benadert Sallie Harmsen met haar sprekende ogen en slungelige motoriek Guus Kuijers prepuber Polleke in de debuutfamilievoorstelling van NTjong en het Nationale Toneel. 
En wát een debuut is het. Regisseur Noël Fischer toont zich met Polleke net zozeer heer en meester in de Koninklijke Schouwburg als in de kleine zaal. Met schijnbaar gemak goochelt ze met grappen en gevoelens en creëert een voorstelling die op meerdere lagen raakt en bezielt. Harmsen staat voortdurend op het toneel, denkend, dichtend, giebelend met vriendin Caro, vuurspuwend naar vriendje Mimoen, die niet met haar mag gaan van zijn cultuur, maar toch niet van haar loskomt: "Ik heb geprobeerd om niet met je te gaan. Ik heb het echt geprobeerd." 
In zijn vijfdelige serie vangt Kuijer de multiculturele samenleving in een geëngageerd portret van een ontwapenend meisje, omgeven door volwassenen die er een potje van maken. "Grote mensen moeten maar voor zichzelf zorgen," zegt meester Wouter in een vertrouwelijk één-tweetje tegen zijn leerling die plots ook zijn stiefdochter is. En inderdaad, de lapzwanzige, verslaafde Spiek bakt er weinig van als vader, net als Pollekes moeder die af en toe zelf net een groot kind is. Gelukkig zijn er opa en oma op het platteland, nuchter, lief en beschermend en met en rotsvast geloof in God. Bij hen vindt Polleke de rust die thuis tussen de flats vol schotelantennes (mooi decor!) ontbreekt. 
Jorieke Abbing maakte van Kuijers boeken heldere en grappige toneeldialogen vol geloofwaardige kinderuitroepen en overpeinzingen. Polleke vertelt en beleeft, zijzelf steeds het middelpunt van haar wereldje waarin verwondering en verontwaardiging dicht bij elkaar liggen. Fischer stelde rond Harmsen een sterke cast samen met onder meer Jaap Spijkers en Juul Vrijdag als ontroerende grootouders, Mirjam Stolwijk als opgewonden, gekke moeder en Stefanie van Leersum en Majd Mardo als Pollekes innemende klasgenootjes. Zij transformeren net als Harmsen tot levensechte kinderen, het hart op de tong, piekerend over de ingewikkeldheden van de grote mensenwereld. 
Fischer regisseerde zuiver op de Kuijertoon: met ruimte voor humor en de taal, maar ook voor verstilling, zonder ooit in de valkuil van te veel emoties te stappen. Dat had makkelijk gekund met alle grote thema's die voorbijkomen - religie, racisme, volwassen worden, liefde, dood - maar Fischer bewaart de kinderblik, het perspectief ligt steeds bij dat kleine meisje in die grote wereld, oneindig loyaal aan haar prutsende vader, maar ook aan haar eigen fantasie. Polleke gelooft dan misschien niet in God, ze gelooft wel in de liefde. Met die boodschap zet NTjong zich in één keer op de kaart als onontkoombare partij voor ouders en kinderen in de grote zaal.

Joukje Akveld

Het Parool

Sallie Harmsen ís Polleke ★★★★

Misschien is Guus Kuijer wat te 20ste-eeuws in thematiek, maar hoe knap speelt Sallie Harmsen zijn gekke, lieve romanmeisje Polleke. Met haar pubermotoriek tilt zij de levensvragen van Polleke lichtvoetig op.
Sallie Harmsen speelt Polleke, nee Harmsen ís Polleke in de gelijknamige gezinsvoorstelling van het Nationale Toneel en NTJong. Wat komt deze actrice dicht in de buurt van dat gekke, lieve, dichtende en denkende romanmeisje uit de beroemde boekenserie van Guus Kuijer. Vanaf een 'foute' beginopmerking heeft Harmsen het publiek in de achterzak van haar groene kleren en te kleine regenjas. 'Rot jij maar op met je pokkecultuur!', schreeuwt ze uit onmacht en liefdesverdriet tegen hartsvriend Mimoen, die van zijn moeder met een meisje uit Marokko moet trouwen.
Die hartenkreet zet gebeurtenissen in beweging die soms worden uitgespeeld, maar meestal worden verteld. Polleke pendelt tussen stad (moeder met nieuwe man, Mimoen) en platteland (oma, opa, koeien, graspollekes). Personages steken het toneel over met een korte dialoog en lopen verder. Dit is háár verhaal waarin zij figureren. Ze kruisen elkaar voor een achterdoek bedrukt met flatgevel (en echt balkon) of voor een grasgroene dijk (met verstopte slaapkamer): fraaie oplossingen van decorontwerper Thomas Rupert.
Met haar pubermotoriek tilt Harmsen de levensvragen van Polleke lichtvoetig op. Toneelschrijfster Jorieke Abbing schreef met (iets te) veel respect voor Kuijer een beschouwende toneeltekst. Soms krijgen de 20ste-eeuwse Kuijer-thema's te veel nadruk: de omgang met verschillen in religie, cultuur, verslavingsgedrag en levensdoel. En er mag ook brutaler worden gespeeld. Dat kunnen deze acteurs, zoals Mirjam Stolwijk als grappige moeder en Pieter van der Sman als brave Wouter. En Sallie Harmsen als Polleke. Nee, Harmsen ís Polleke.

Annette Embrechts

De Volkskrant

Pokkecultuur!

Als ik ooit nog eens een taakstraf krijg voor het een of ander, dan hoop ik dat ik weken achter elkaar de boeken van Guus Kuijer mag voorlezen aan flink grote klassen, boordevol met alle uithoeken van de regenboog. Leerden we vroeger hoe leuk het Nederlands als taal kan zijn van Annie Schmidt, nu doen we dat aan de hand van Kuijer. Ik zal tijdens het voorlezen mijn stinkende best doen en ondertussen met volle teugen genieten.
Guus Kuijer schrijft niet alleen geestig, hij verzint ook eindeloos grappige plotlijnen. Rond de vorige eeuwwisseling kwam hij (na de Madelief-serie) met de Polleke-verhalen, te beginnen met Voor altijd samen, amen,-verhalen rond de grotestadspuber Polleke, met een Marokkaans vriendje (Mimoen) die zich gaat laten uithuwelijken en die het er van zijn geloof niet mee eens is dat Polleke dichter wordt. ‘Rot jij maar op met je pokkecultuur en trouw maar met zo’n meisje dat alvast een stofdoek op haar kop heeft, lekker handig!’ Als de meester dit briefje van Polleke aan Mimoen onderschept en het ‘racistisch’ noemt, begint het gelazer in de glazen. Binnen de kortste keren zit Polleke tot over haar oren in de moderne sores.
Nu is er de toneelmarathon Polleke, door de jeugdafdeling van het Nationale Toneel. Jorieke Abbing bewerkte de boeken tot een mooie achtbaan van verhalen. Noël Fischer heeft er haar eerste grotezaalvoorstelling van gemaakt. Polleke moet in dit toneelstuk duizend-en-één ballen in de lucht houden. Mimoen moet bij haar terug, dat is in ieder geval duidelijk, of hij moet minstens gered worden uit die rare pokkecultuur. Spiek, de vader van Polleke, die eigenlijk Gerrit heet en een junk is, moet aan het dichten worden gezet, dan vergeet hij die enge verslaving van hem misschien. En dan is er nog Polleke’s moeder, de veroorzaker van de grootste ramp aller tijden: ze is verliefd op Polleke’s meester en daar moet subiet een eind aan komen.
Verder komt er op de boerderij van oma en opa een kalfje aan, en dat moet Polleke gaan verzorgen. Dus alle hens aan dek.
Decorontwerper Thomas Rupert bedacht flatgebouwen die weilanden baren (en omgekeerd) waarop kuddes koeien grazen die bij bosjes uit de toneeltoren komen neergedaald. Sallie Harmsen, een stralend jong en perfect gecast toneelspelerstalent van het Nationale Toneel, is het enerverende middelpunt van een tweeënhalf uur durend toneelfeestje, met Mirjam Stolwijk als moeder, Majd Mardo als een watervlug spelende en onwijs grappige Mimoen, Jaap Spijkers en Juul Vrijdag als de opa en oma – Guus Kuijer is al jaren de kampioen van de grootouderverhalen voor kinderen.
De voorstelling, met mooie Hollandse luchten en een dijk van een dijk, is wel een tikje keurig binnen de polderlandse lijntjes gemaakt. Anders gezegd, ik dacht wel steeds: hoe zouden Liesbeth Coltof, Hans van den Boom en Rieks Swarte dit varkentje hebben gewassen? Want er zit toch wel een zuur bijsmaakje aan dit dure kinderfeestje. De overheden hebben onze helden van het jeugdtheater vrijwel alle middelen afgepakt om groots uit te pakken, qua vormgeving en hoeveelheden acteurs en actrices. Nu wordt het genre (opnieuw, zou ik bijna zeggen) gekoloniseerd door de kolossen van het volwassenentoneel. Ik zeg het Guus Kuijer na: grote mensen, die moeten maar voor zichzelf zorgen. Maar goed, ik ben een ouwe zeur. En van de boeven en bedriegers in de kunst-politiek vandaag de dag, daar kun je maar beter soep van koken. Derhalve: gaat dit zien. Het is vooral Guus Kuijers feestje!

Loek Zonneveld

De Groene Amsterdammer

Zware materie, lichtvoetig van toon ★★★★
Actrice Sallie Harmsen is overtuigend als tiener.

Een jeugdboek naar toneel brengen blijft lastig. Zeker Guus Kuijers Polleke, een ontroerend, maar ook zwaar verhaal vol existentiële worstelingen over een eigengereid meisje in lastige omstandigheden. Haar ouders zijn gescheiden, haar vader is verslaafd, ze heeft een Marokkaans vriendje dat ‘vanwege zijn cultuur’ niet met haar mag omgaan. Toch is de toon van deze eerste familievoorstelling van NT Jong en Het Nationale Toneel lichtvoetig. Polleke gaat grappend door het leven en schrijft gedichten, terwijl ze tegelijk probeert de wereld te redden. De conclusie is dat volwassenen zichzelf maar moeten redden. De 25-jarige Sallie Harmsen overtuigt als tiener, ze heeft een flexibele speelstijl en is grappig. Majd Mardo speelt meesterlijk een verontwaardigd Marokkaans jochie en Jaap Spijkers valt op als Polleke’s mopper-opa. Het komt samen in een fantasierijk decor van Thomas Rupert, waarin moeiteloos een appartement of boerderij wordt gesuggereerd. Mooie ode aan de verbeelding.

Irene Start

Elsevier

Please reload